Concrete richtlijnen

door

Op basis van wat we nu over autisme weten en de relatie met onderwijs, kunnen we een aantal algemene richtlijnen opstellen.

Voorspelbaar houden

Voorspelbaarheid zit hem in een aantal zaken.

Uniformiteit

Het woord uniformiteit wekt misschien weerstand op bij sommigen. Het betekent ook zeker niet dat alles er exact hetzelfde uit moet zien. Wat wel aan te bevelen is, is dat bijvoorbeeld cursussites op dezelfde manier zijn ingericht. Het is dan direct duidelijk waar je bronnen kunt vinden, waar je informatie over de tentamenvorm kunt vinden, en waar staat wat je welke week moet doen.

Uniformiteit kun je ook toepassen voor de opbouw van je colleges, of voor de kennisclips die je opstelt. Als je steeds eenzelfde format aanhoudt, maakt dat het voor met name autistische studenten gemakkelijker om zich te concentreren op de inhoud.

Onvoorspelbare prikkels voorkomen

Onvoorspelbare prikkels komen vooral van mensen. Geluiden en bewegingen van mensen zijn onvoorspelbaar, en zijn daardoor grote energievreters voor wie autistisch is. Het is natuurlijk onmogelijk om die te voorkomen, maar het is wel mogelijk om bijvoorbeeld tijdens een college, het zo te structureren dat je alleen ingaat op vragen die de lijn van het verhaal niet aantasten. Of je kunt de mogelijkheid geven om de voorste rijen te reserveren voor wie niet door anderen gestoord wil worden.

Beschrijvingen

Goede beschrijvingen van elk vak maakt voor studenten wat meer voorspelbaar wat er gaat komen. In de praktijk lopen die beschrijvingen vaak sterk achter op de werkelijkheid.
Probeer beschrijvingen actueel te houden, en beschrijf niet alleen de inhoud van het vak, maar ook hoe het er aan toe gaat, welke werkvormen er worden gebruikt bijvoorbeeld.

Beschrijvingen kun je ook geven van colleges of opnames daarvan, Je kunt aangeven of het een herhaling is van wat er in het boek staat, of dat het meer gaat om verdieping. Misschien leg je tijdens colleges uit wat belangrijk is voor het tentamen. Het is handig om dat duidelijk te beschrijven, van te voren.

Alles zoveel mogelijk voorspelbaar houden houdt overigens niet in dat je verrassingen zou moeten vermijden. Het kan heel leerzaam en leuk zijn als er af en toe een verrassing is, als iets anders gaat dan verwacht.

Expliciet maken

Expliciet maken is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Je laat dingen niet bewust impliciet, tenslotte. Het belangrijkst is het om bij jezelf duidelijk te krijgen welke impliciete verwachtingen je van studenten hebt, en om die expliciet te formuleren.

Rubrics

Heel belangrijk is het om je verwachtingen expliciet te maken.
Bij opdrachten gebruik je daar rubrics voor, maar het is erg moeilijk om die zo in te vullen dat het studenten goed duidelijk is wat er van ze verwacht wordt. Neem de tijd om er echt goed over na te denken wat je van ze wilt, en maak dat niet alleen in de rubric duidelijk, maar ook in tekst.

Leerdoelen

Verwachtingen spreek je ook uit in leerdoelen. In principe hoort een student aan de hand van de leerdoelen te kunnen bepalen op welke manier de stof bestudeerd moet worden, wat er uit het hoofd geleerd moet worden, en wat je moet begrijpen. Ook bij leerdoelen is het in de praktijk meestal zo dat ze te vaag zijn om studenten echt iets te bieden.

Probeer dus toch goed te formuleren wat de leerdoelen zijn, met het tentamen in het hoofd. Geef op andere plaatsen ook extra uitleg over wat je van studenten verwacht.

Verwachtingen

Vaak heb je impliciete verwachtingen van studenten. Je kunt bijvoorbeeld vinden dat ze de leerstof bestudeerd moeten hebben die je tijdens een college bespreekt. Spreek dat expliciet uit, en houd je er vervolgens ook aan.

Maak ook expliciet wat studenten van jou kunnen verwachten: op welke termijn beoordeel je ingeleverd werk? Op welke termijn geef je antwoord op vragen? Hoe kunnen studenten je vragen stellen, alleen tijdens colleges of ook per e-mail, of in een discussiegroep? Welke verwachtingen heb je over een discussiegroep? Welke vragen vind je dat studenten daar mogen stellen?

Manier van werken

Als docent of als studiebegeleider ontwikkel je je eigen routines, je eigen manier van werken. Misschien kijk je opdrachten na zodra ze binnenkomen; misschien wacht je tot het grootste deel is ingeleverd en kijkt dan alles in één maal na. Misschien heb je gesprekken graag online; misschien doe je dat juist liever op locatie. Misschien gebruik je colleges vooral om te enthousiasmeren; misschien gebruik je ze om praktische zaken goed uit te leggen en vragen daarover te beantwoorden.

Het is een goed idee om stil te staan bij je manier van werken, en je af te vragen waarin die verschilt van die van anderen. Je kunt dan iets daarover opschrijven, en ter beschikking stellen aan studenten. Die weten dan van te voren beter wat ze van je kunnen verwachten.

Hoe doe je dat?

In sommige vakken is er veel aandacht voor het wat, maar wordt het hoe vergeten. Bij wetenschappelijk schrijven bijvoorbeeld, is misschien wel veel aandacht voor wat de inhoud is van een Related Work sectie, of voor welke onderzoeksmethoden er bestaan, maar is er minder aandacht voor hoe je te werk gaat om een Related Work sectie op te bouwen, of hoe je beslist welke onderzoeksmethode geschikt is om je onderzoeksvraag te beantwoorden.

Een ontbrekende uitleg over het hoe is voor elke student lastig; voor autistische studenten in het bijzonder. Een opdracht wordt op die manier te open. Je moet in feite een planning maken om een doel te bereiken terwijl je geen enkel idee hebt welke stappen er genomen zouden kunnen worden.

Het is dus van belang om te kijken waar je extra aandacht kunt besteden aan het hoe. Je maakt daarmee expliciet hoe je kunt bereiken wat je onder het wat hebt besproken.

Foutloos en eenduidig maken

Bij deze richtlijn is het misschien nog wel duidelijker dan bij de andere richtlijnen, dat de richtlijn tot goed onderwijs voor iedereen leidt. Wie zou een vak niet foutloos en eenduidig willen hebben?

Foutloos

Een vak foutloos krijgen is een bijna onbereikbaar doel. Zelfs al heeft een redacteur alle teksten van een vak bij de start ervan foutloos weten te krijgen, dan nog sluipen er foutjes in wanneer er veranderingen worden aangebracht. Links houden op te werken omdat waar naar wordt gelinkt verdwijnt. Fouten zijn onvermijdelijk.

Het lastige van foutjes is dat autistische studenten er op kunnen blijven hangen. Ze kunnen dan niet beslissen of het een fout is van het leermateriaal of van henzelf.

Geef daarom aan dat foutjes helaas onvermijdelijk zijn, en spoor studenten aan om te melden wat ze tegenkomen. Spoor ze aan dat ook te doen wanneer ze denken dat ze zelf een denkfout maken. Ook met behulp van die feedback kun je je vak verbeteren.

Eenduidig

Eenduidig maken betekent in de eerste plaats dubbelzinnigheden vermijden. Dat klinkt gemakkelijker dan het is, omdat je dubbelzinnigheden vaak zelf niet ziet.

Het kan hem in kleine dingen zitten. Een aanwijzing ‘Wees volledig in je antwoord’ kan bij een autistische student tot lichte paniek leiden, bijvoorbeeld: Hoe kan de student weten of het antwoord volledig is? Er kan toch altijd nog meer informatie over het onderwerp bestaan als waar de student weet van heeft?

Voor eenduidigheid kun je in de eerste plaats dezelfde strategie volgen als voor het foutloos krijgen van materiaal: studenten oproepen om te melden wanneer iets niet helemaal duidelijk voor ze is.

Eenduidigheid is natuurlijk met name bij tentamenvragen heel belangrijk, omdat een student op dat moment niet kan vragen wat er precies wordt bedoeld. Voor tentamenvragen geldt daarom: laat ze altijd door een ander lezen, en vraag dan expliciet naar eenduidigheid.

Hoofd- en bijzaken

Wanneer je een onderwerp goed beheerst, is het lastig om te begrijpen waarom studenten worstelen met onderscheid maken tussen hoofd- en bijzaken. Bedenk dus dat je daar expliciet aandacht aan moet geven.

Eigenlijk betekent lesgeven in het algemeen dat je je moet kunnen verplaatsen in wie een onderwerp nog niet zo beheerst als jijzelf. Dat geldt voor de inhoud van de leerstof, en ook voor wat hoofd- en wat bijzaken zijn.

Leerdoelen en rubrics

Leerdoelen en rubrics zijn bedoeld om studenten een idee te geven wat de eisen aan een tentamen of aan een opdracht zijn. In principe is dit dus de aangewezen plek om te laten zien wat belangrijk is bij het leren voor een tentamen of het uitvoeren van een opdracht, en wat minder belangrijk is.

Het is lastig om dat goed over te brengen in leerdoelen of in een rubric. Besteed er dus extra aandacht aan, in de introductie van een deel van de leerstof, in de beschrijving van een opdracht, of in colleges.

Voorbeelden

Bij het geven van voorbeelden is het heel goed mogelijk dat studenten iets anders uit het voorbeeld oppikken dan je bedoelt. Voor autistische studenten, die veel details zien en voor wie al die details even belangrijk zijn, geldt dat in nog hogere mate.

Denk er bij het geven van voorbeelden dus altijd aan om expliciet te maken wat het voorbeeld illustreert.

Context

Wanneer je geneigd bent in te zoomen op details, zoals dat het geval is bij autistische studenten, is het moeilijk om tegelijkertijd het grotere geheel in de gaten te houden. Het overzicht ontbreekt dan al snel.

Probeer daarom zo veel mogelijk leerstof in context te plaatsen. Hoe past het vak als geheel binnen een wetenschapsgebied? Wat is de relatie met andere vakken? Dat is niet vanzelfsprekend voor studenten, met name voor autistische studenten. Het helpt enorm wanneer je dat duidelijk maakt.

Datzelfde geldt voor de onderdelen van een vak. Laat steeds zien hoe een onderdeel past bij wat studenten al hebben geleerd.

Steun geven

Steun geven is natuurlijk niet alleen voor autistische studenten belangrijk, maar voor hen is het vaak extra van belang.

Feedback

Mensen leren beter wanneer ze horen wat ze goed hebben gedaan dan wanneer ze te horen krijgen wat ze fout hebben gedaan. Dat geldt voor alle mensen, maar in het bijzonder voor wie een laag zelfbeeld heeft.

De onderwijspraktijk is dat je vaak alleen het rode potlood hanteert, en aangeeft wat fout is.

Het helpt enorm wanneer je juist ook laat zien wat iemand goed heeft gedaan, met uitleg waarom.

De feedback op wat fout was, kun je vervolgens omzetten in advies over hoe iets verbeterd kan worden, constructief dus.

‘Tops en tips’ geven, is wat je dan doet.

Studievertraging

Wanneer je als docent merkt dat een student te laat is met een opdracht, of niet is komen opdagen op een tentamen, is het een goed idee om contact op te nemen. De vraag is dan of er iets is waarmee je de student kan helpen.

Verwijs ook naar de studieadviseur wanneer de student in de problemen dreigt te komen met de rest van de planning.

Structuur bieden

Structuur bieden kun je op allerlei manieren.

Open opdrachten

Naarmate de opleiding vordert worden opdrachten meestal steeds meer open. Het afstudeertraject is de meest open vorm van een opdracht. Dat is voor alle studenten moeilijk, en, alweer, met name voor autistische studenten.

Probeer bij al die openheid toch ook structuur aan te bieden. Waar mogelijk kun je met een format werken voor een verslag of scriptie. Dat biedt houvast. Over het afstudeertraject hebben we een apart hoofdstuk geschreven, waarin structuur een belangrijk onderwerp is.

Soms is het onderdeel van een opdracht dat studenten zelf een onderwerp moeten kiezen. Zorg er voor dat je goed duidelijk maakt wat de eisen zijn aan zo’n onderwerp, en geef altijd een aantal voorbeelden die studenten ook mogen kiezen. Daarmee voorkom je dat studenten op zo›n enorm open opdracht (‘kies een onderwerp’) blijven hangen.

Planning

Va het begin af aan worden studenten geacht zelf te kunnen plannen hoe ze studeren. Dat is lastig. Bied ook daarin, waar mogelijk, extra hulp.

Zo kun je voor elke week een lijstje opstellen van wat studenten die week geacht worden te doen. Neem daarin alles op: leerstof bestuderen, werken aan een opdracht, een college voorbereiden (geef ook aan hoe), enzovoort.

Wanneer studenten op die manier elke week een lijstje kunnen afvinken, zijn ze vanzelf klaar voor het tentamen aan het einde van de periode.

Terug naar: Autisme-inclusief onderwijs > Richtlijnen

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *